Start de checkStart check

Subsidies

ISDE-voorwaarden 2026: wanneer komt u in aanmerking?

De ISDE-subsidie voor isolatie is er voor eigenaar-bewoners van een bestaande koopwoning: u bent eigenaar én u woont er zelf. Het isolatiemateriaal moet een prestatieverklaring hebben en door een bouwbedrijf zijn aangebracht. Per maatregel gelden een minimale Rd-waarde en een minimumoppervlak. Aanvragen kan tot 24 maanden na het aanbrengen.

Laatst bijgewerkt:

Wanneer komt u in aanmerking voor ISDE?

Voor isolatiesubsidie moet u eigenaar én bewoner van de woning zijn. De regeling verstrekt die subsidie aan een eigenaar-bewoner: een natuurlijk persoon die een woning in eigendom heeft in de gemeente waar hij staat ingeschreven en daar zijn hoofdverblijf heeft — of direct na de renovatie zal hebben. Het moet bovendien gaan om een bestaande, zelfstandige woning. Verhuurders en VvE's vallen voor isolatie buiten deze regeling.

Dat laatste zinnetje uit de definitie is voor kopers belangrijk: u hoeft er nog niet te wónen op het moment dat het werk wordt uitgevoerd. De regeling rekent de verbouwing waarvoor u subsidie aanvraagt uitdrukkelijk mee als renovatie, dus wie eerst isoleert en daarna intrekt, komt in aanmerking. Wat dat betekent voor de volgorde van uw werkzaamheden, leest u op verduurzamen na aankoop.

Eigenaar-bewoner
Natuurlijk persoon die een woning in eigendom heeft in de gemeente waar hij is ingeschreven en daarin zijn hoofdverblijf heeft of direct na de renovatie zal hebben. Ook de gerechtigde van een bestaand appartement valt eronder (art. 4.5.1).
Woning
Een bestaande, zelfstandige woongelegenheid die als zodanig bewoond is geweest, met een eigen toegang, keuken, bad of douche en toilet, en met een woonfunctie geregistreerd in de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (art. 4.5.1).
Bouwjaargrens
Een aanvraag voor een bouwwerk met een bouwjaar na 1 januari 2019 wordt afgewezen, tenzij u een omgevingsvergunning kunt overleggen die vóór 1 juli 2018 is aangevraagd (art. 4.5.9 lid 1 sub b). De ISDE is bedoeld voor bestaande bouw.
Blokaansluiting voor warmte
Een aanvraag voor een koopwoning met een blokaansluiting voor warmte wordt afgewezen (art. 4.5.9 lid 1 sub e). Deelt uw woning één centrale warmtelevering met andere woningen, dan loopt verduurzaming via het collectief.

Bron: Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies (ISDE), art. 4.5.1 (begripsbepalingen), art. 4.5.2 lid 3 en art. 4.5.9 lid 1, geconsolideerde versie 25 augustus 2026, geraadpleegd 2 september 2026.

Eén uitzondering is puur geografisch, en juist daarom makkelijk te missen. Een aanvraag voor isolatie wordt afgewezen als daarvoor subsidie is verkregen of verkregen kán worden op grond van de Subsidieregeling isolatie en ventilatie gebouwen, woonboten en woonwagens provincie Groningen en de gemeenten Aa en Hunze, Noordenveld en Tynaarlo (art. 4.5.9 lid 3 sub c). Woont u in dat gebied, dan loopt uw isolatiesubsidie dus via die regeling en niet via de ISDE. Voor een warmtepomp, zonneboiler, warmtenetaansluiting of elektrisch koken blijft de ISDE daar wél open (RVO, geraadpleegd 29 augustus 2026).

Welke eisen gelden per isolatiemaatregel?

Per maatregel gelden drie dingen tegelijk: een minimale Rd-waarde van het isolatiemateriaal, een minimumoppervlak dat u moet isoleren, en een maximaal oppervlak waarover subsidie wordt gegeven. De Rd-eis is 3,5 m²K/W voor dak, zoldervloer, gevel en vloer, en 1,1 m²K/W voor een spouwmuur. Bij glas staat er geen R- maar een U-eis.

Dakisolatie
Isolatie van het bestaande dak, in de bestaande thermische schil. Is de woning een monument en is de isolatie na 31 december 2023 aangebracht, dan volstaat een Rd-waarde van 2,5 m²K/W.Rd ≥ 3,5 m²K/W · vanaf 20 m², subsidiabel tot 200 m²
Zolder- of vlieringvloerisolatie
Alleen wanneer de zolder of vliering onverwarmd is. Dakisolatie en zoldervloerisolatie samen zijn subsidiabel tot 200 m².Rd ≥ 3,5 m²K/W · vanaf 20 m², subsidiabel tot 130 m²
Gevelisolatie
De binnen- of buitengevel van de bestaande thermische schil. Binnenmuren en scheidingswanden tellen niet mee (RVO, 29 augustus 2026). Voor een monument geldt dezelfde lagere ondergrens van 2,5 als bij het dak.Rd ≥ 3,5 m²K/W · vanaf 10 m², subsidiabel tot 170 m²
Spouwmuurisolatie
Bestaande spouwmuren in de bestaande thermische schil. De eis is opvallend lager dan bij de andere bouwdelen, en dat is geen vergissing: een bestaande spouw is nu eenmaal maar vier tot tien centimeter breed.Rd ≥ 1,1 m²K/W · vanaf 10 m², subsidiabel tot 170 m²
Vloer- of bodemisolatie
Eén artikelonderdeel voor twee maatregelen. Bij bodemisolatie mag de eis ook met de Rbf-waarde van de bodem worden aangetoond. Vloer- en bodemisolatie samen zijn subsidiabel tot 130 m².Rd of Rbf ≥ 3,5 m²K/W · vanaf 20 m², subsidiabel tot 130 m²
HR++-glas
Vervanging van glas, kozijnpanelen of deuren door HR++-glas, gemeten in raamoppervlakte. Nieuwe isolerende kozijnpanelen of deuren mogen meelopen als hun U-waarde ten hoogste 1,5 W/m²K is.U-waarde glas ≤ 1,2 W/m²K · vanaf 3 m²
Triple-glas in een nieuw isolerend kozijn
Triple-glas telt alleen als eigen maatregel in combinatie met een nieuw isolerend kozijn. Nieuwe isolerende kozijnpanelen of deuren mogen meelopen als hun U-waarde ten hoogste 1,0 W/m²K is.U-waarde glas ≤ 0,7 W/m²K · vanaf 3 m²
Alle glasmaatregelen samen
Het maximum staat in de aanhef van het bedragenartikel en geldt daardoor over glas, kozijnpanelen en deuren samen — niet per glassoort. Combineert u HR++ en triple, dan deelt u één pot.Subsidiabel tot 45 m² raamoppervlakte

Bron: Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies (ISDE), art. 4.5.2 lid 3 (materiaal- en glaseisen, minimumoppervlak) en art. 4.5.4 lid 2 (maximaal subsidiabel oppervlak), geconsolideerde versie 25 augustus 2026, geraadpleegd 2 september 2026. De drempel van 3 m² bij glas geldt voor maatregelen die na 31 december 2024 zijn aangebracht.

Vijf voorwaarden die niet in een tabel passen

  • In de bestaande thermische schil. Elke maatregel moet liggen in de bestaande schil van de woning — de scheiding tussen verwarmd en onverwarmd, zoals beschreven in ISSO 82.1 (art. 4.5.1). De regeling maakt dat nog eens expliciet: een aanvraag voor een investering die het woonoppervlak of de wooninhoud vergroot wordt afgewezen, waaronder in elk geval een nieuwe aanbouw, een nieuwe dakkapel, het betrekken van een aan- of inpandige garage bij de woning, en het vergroten van het bestaande dak-, gevel-, vloer- of glasoppervlak (art. 4.5.9 lid 3 sub b). RVO noemt daarnaast sloop en heropbouw van een deel van de woning (29 augustus 2026).
  • Een prestatieverklaring bij het materiaal. Het isolatiemateriaal moet zijn voorzien van een prestatie- of kwaliteitsverklaring in de zin van het Bouwbesluit 2012 of het Besluit bouwwerken leefomgeving (art. 4.5.1 en art. 4.5.2 lid 3). Dat is ook het papier waarop de Rd-waarde staat waaraan getoetst wordt; bewaar het.
  • HFK-vrije blaasmiddelen bij gespoten PIR of PUR. Wordt er ter plaatse PIR of PUR gespoten, dan moet dat gebeuren met HFK-vrije blaasmiddelen. Die eis staat bij dakisolatie, spouwmuurisolatie en vloer-/bodemisolatie (art. 4.5.2 lid 3 sub a 3°, d 3° en e 3°) — niet bij gevel en glas.
  • Geen UF-schuim meer vanaf 1 april 2026. Een aanvraag voor UF-schuim — ureumformaldehydeschuim, een tweecomponentenschuim dat in spouwmuren wordt gespoten — dat op of na 1 april 2026 is aangebracht, wordt afgewezen, tenzij u kunt aantonen dat het schuim vóór die datum is aangeschaft (art. 4.5.1 en art. 4.5.9 lid 3 sub d).
  • Niet twee lagen over elkaar. Isoleert u in dezelfde kruipruimte zowel de bodem als de vloer, dan krijgt u maar één van beide bedragen; hetzelfde geldt voor dakisolatie en zoldervloerisolatie boven elkaar (RVO, 29 augustus 2026).

Er is nog een voorwaarde die geld oplevert in plaats van kost. Laat u biobased isolatiemateriaal aanbrengen — materiaal dat voor ten minste 70 procent van zijn massa uit biobased grondstof bestaat en een milieukostenindicator van ten hoogste 1,9 heeft (art. 4.5.1) — dan komt er per vierkante meter een opslag bovenop het gewone bedrag (art. 4.5.4 lid 5). Die opslag telt niet mee in de verdubbeling hieronder (lid 6). Volgens RVO geldt hij alleen voor materiaal dat op de meldcodelijst staat en dat op of na 1 januari 2024 is aangebracht (geraadpleegd 29 augustus 2026).

Twee maatregelen tegelijk: de bedragen verdubbelen

Heeft uw aanvraag betrekking op ten minste twee verschillende typen isolatiemaatregelen, of op één isolatiemaatregel plus een warmtepomp, zonneboiler of aansluiting op een warmtenet, dan worden de bedragen per vierkante meter verdubbeld (art. 4.5.4 lid 3). De factor is exact twee — ook bij drie of meer maatregelen — en de verdubbeling vervalt zodra er meer dan 24 maanden zit tussen het aanbrengen van de vorige en dat van de volgende maatregel (lid 4). Twee keer hetzelfde type isolatie telt niet als twee typen, en een ventilatiemaatregel evenmin (RVO, 29 augustus 2026). Welke combinaties wél kwalificeren en hoe u de termijn plant, staat op twee maatregelen: dubbele subsidie.

Welke eisen gelden bij glas?

Bij glas toetst de ISDE niet aan een R-waarde maar aan een U-waarde, en die eis gaat over het glas zelf. De regeling definieert HR++-glas als glas met een U-waarde van ten hoogste 1,2 W/m²K en triple-glas als glas met een U-waarde van ten hoogste 0,7 W/m²K (art. 4.5.1). Triple-glas telt alleen als eigen maatregel wanneer het in een nieuw isolerend kozijn wordt geplaatst.

Het oppervlak wordt anders gemeten dan de eis suggereert. De regeling rekent met de raamoppervlakte: de binnenwerkse maat, verkregen door van binnenuit de totale oppervlakte van kozijn én glas te meten (art. 4.5.1). De U-eis gaat dus over de ruit, terwijl het oppervlak waarover u subsidie krijgt het kozijn meetelt. RVO vult aan dat u alle ramen eerst optelt zonder tussentijds af te ronden en het totaal daarna vanaf een halve vierkante meter naar boven afrondt (geraadpleegd 29 augustus 2026).

Bij een glasaanvraag hoort een eigen bewijsstuk: een kozijnstaat met per kozijn het merk en type van het kozijn, het bijbehorende frame en het glas, plus de binnenwerkse maten van het glas of de kozijnpanelen (art. 4.5.12 lid 4 sub c). Vraag uw glasbedrijf daar bij de offerte al om; achteraf reconstrueren is aanzienlijk lastiger.

Let ten slotte op welk getal er gevraagd wordt. De ISDE toetst aan de Rd-waarde van het isolatiemateriaal en, bij glas, aan de U-waarde van het glas zelf; de energielabelberekening rekent met de Rc-waarde van de hele constructie en met de U-waarde van het raam inclusief kozijn. Dezelfde ingreep levert daardoor twee verschillende getallen op, en welk getal wanneer geldt, staat uitgelegd op Rc-waarde uitgelegd.

Mag ik zelf isoleren, of moet een bedrijf het doen?

Zelf isoleren levert geen ISDE-subsidie op. De regeling verstrekt de subsidie voor de aanschaf en het door een bouwbedrijf in een koopwoning laten aanbrengen van isolatiemateriaal dat is voorzien van een prestatieverklaring (art. 4.5.2 lid 3). Doet u het werk zelf, dan ontbreekt de voorwaarde waaraan de hele bepaling hangt.

Een bouwbedrijf is in deze regeling geen losse term maar een omschreven begrip: een bedrijf dat in een handelsregister van een EU- of EER-lidstaat staat ingeschreven in de sectie bouwnijverheid of een vergelijkbare sectie (art. 4.5.1). Aan de omvang van dat bedrijf stelt de regeling geen eis, aan de inschrijving wel: een handige buurman voldoet niet, en een bedrijf dat onder een andere sectie is ingeschreven evenmin. Voor warmtepompen en zonneboilers geldt een verwante eis met een andere sectie: die moeten door een bouwinstallatiebedrijf worden geïnstalleerd (art. 4.5.2 lid 2).

Dat het bedrijf het werk deed, moet u ook kunnen laten zien. Bij de aanvraag horen een factuur en een betaalbewijs met daarin ten minste uw naam en adres en die van het bouwbedrijf, een omschrijving van de maatregel, en van het gebruikte materiaal de naam, het type, het merk, de dikte en — als die er is — de meldcode, plus de plaats en de oppervlakte die geïsoleerd is. Daarnaast is per isolatiemaatregel ten minste één foto verplicht, genomen tijdens de uitvoering, met de woning zichtbaar erop (art. 4.5.12 lid 4 sub b).

Eén grensgeval waar wij geen stellig antwoord op kunnen geven: materiaal dat u zélf inkoopt en alleen laat aanbrengen. De regeling koppelt de subsidie aan de aanschaf én het laten aanbrengen door een bouwbedrijf, en de factuur die u meestuurt moet van dat bouwbedrijf komen en het materiaal beschrijven. Dat past niet vanzelfsprekend op een eigen inkoopbon. Speelt dit bij u, vraag het dan vóóraf na bij RVO in plaats van achteraf op de afwijzing te wachten.

Wat is een meldcode en wanneer heeft u er een nodig?

Een meldcode is de code die de minister beschikbaar stelt per type en merk installatie voor de productie van duurzame energie, per soort isolatiemateriaal en per type en merk ventilatie-installatie (art. 4.5.1). In uw aanvraag vermeldt u de meldcode van de investering; is er voor uw investering geen meldcode beschikbaar gesteld, dan volstaat een omschrijving (art. 4.5.12 lid 1 sub c).

Bij toestellen is de meldcode leidend. Volgens RVO moeten een warmtepomp en een zonneboiler op de meldcodelijst staan en door een installatiebedrijf zijn geplaatst; staat uw toestel niet op die lijst, dan is er voor dat toestel geen subsidie (geraadpleegd 30 augustus 2026). De lijsten worden regelmatig uitgebreid, dus controleer de meldcode van het voorgestelde toestel vóórdat u een offerte tekent. Hoe die code werkt en waar u hem vindt, staat op de ISDE-meldcode; welke toestellen erop staan en wat daarbij hoort, vindt u bij RVO — ISDE voor woningeigenaren.

Bij isolatie speelt de meldcode een kleinere rol: op de factuur hoort hij te staan als hij beschikbaar is, maar de toets gaat over de Rd-waarde uit de prestatieverklaring. Eén uitzondering: voor de opslag op biobased isolatiemateriaal geldt volgens RVO wél dat het materiaal op de meldcodelijst moet staan (geraadpleegd 29 augustus 2026).

Wat gebeurt er als u een voorwaarde mist?

Dan wordt de aanvraag afgewezen. Artikel 4.5.9 van de regeling noemt de afwijzingsgronden: te laat aangevraagd, eerder subsidie voor hetzelfde type maatregel, een te jong bouwwerk, een blokaansluiting voor warmte, of een EIA-verzoek voor dezelfde investering. Haalt een maatregel de Rd-eis of het minimumoppervlak niet, dan valt hij buiten de omschrijving van artikel 4.5.2 lid 3 en is er dus geen subsidiabele maatregel.

  • Te laat. Een aanvraag die later dan 24 maanden na het aanbrengen van het materiaal wordt ingediend, wordt afgewezen (art. 4.5.9 lid 1 sub c). Eerst uitvoeren, daarna aanvragen — maar niet te lang wachten; de route staat op ISDE aanvragen.
  • Al eens gehad. Voor eenzelfde type isolatiemaatregel krijgt u per woning één keer subsidie (art. 4.5.9 lid 1 sub a). Isoleerde u eerder de vloer in de woonkamer en later die in de keuken, dan is de tweede keer niet subsidiabel (RVO, 29 augustus 2026). Glas is de uitzondering: een tweede glasaanvraag mag, mits binnen 24 maanden na het aanbrengen van het eerste glas (art. 4.5.9 lid 6).
  • Te jong gebouwd. Bouwjaar na 1 januari 2019 betekent geen ISDE, tenzij u een omgevingsvergunning kunt overleggen die vóór 1 juli 2018 is aangevraagd (art. 4.5.9 lid 1 sub b).
  • Dubbel voordeel. Heeft u voor dezelfde investering de energie-investeringsaftrek aangevraagd, dan wordt de ISDE-aanvraag afgewezen (art. 4.5.9 lid 1 sub d). Een bijdrage van uw gemeente, provincie of waterschap staat de ISDE juist níét in de weg (art. 4.5.9 lid 6).

De subsidie wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst, en het budget is per jaar begrensd. Wordt uw aanvraag afgewezen omdat het subsidieplafond bereikt is, dan geldt de aanvraagtermijn van 24 maanden niet voor een hernieuwde aanvraag voor dezelfde investering die u binnen twaalf maanden na die afwijzing indient (art. 4.5.9 lid 7). Een afwijzing wegens uitputting is dus geen definitief nee.

De praktische les uit deze hele pagina: de voorwaarden waar aanvragen op stranden, zijn bijna nooit de Rd-waarde zelf — die regelt uw uitvoerder — maar de papieren eromheen en de volgorde. Spreek vóór het werk af dat u de prestatieverklaring, een gespecificeerde factuur en de uitvoeringsfoto's krijgt. Weet u nog niet welke maatregel bij uw woning het meest oplevert, doe dan eerst de gratis woningcheck: die geeft een indicatie van uw energielabel — geen geregistreerd energielabel — en een advies met maatregelen, kosten en subsidie. Wat de ISDE per maatregel oplevert, leest u op subsidie dakisolatie, subsidie spouwmuurisolatie, subsidie vloerisolatie en subsidie HR++-glas en subsidie triple glas.

Veelgestelde vragen

Kan ik ISDE-subsidie krijgen als ik zelf isoleer?

Nee. De regeling verstrekt de isolatiesubsidie voor de aanschaf en het door een bouwbedrijf laten aanbrengen van isolatiemateriaal met een prestatieverklaring. Doet u het werk zelf, dan is aan die voorwaarde niet voldaan en is er geen subsidie. Een bouwbedrijf is daarbij een bedrijf dat in een EU- of EER-handelsregister staat ingeschreven in de sectie bouwnijverheid of een vergelijkbare sectie. Bij de aanvraag moet u een factuur van dat bedrijf en ten minste één foto van de uitvoering meesturen. (Bron: Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies, art. 4.5.1, art. 4.5.2 lid 3 en art. 4.5.12 lid 4, versie 25-08-2026, geraadpleegd 02-09-2026.)

Hoe lang heb ik de tijd om de ISDE aan te vragen?

U vraagt de subsidie aan nadat het werk is uitgevoerd, en uiterlijk 24 maanden na het aanbrengen van het isolatiemateriaal of het installeren van het toestel. Een aanvraag die later binnenkomt, wordt afgewezen. Let op dat er nog een tweede termijn van 24 maanden bestaat: die tussen twee opeenvolgende maatregelen, en die bepaalt of uw bedragen verdubbelen. De twee termijnen lopen niet gelijk op. (Bron: Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies, art. 4.5.9 lid 1 sub c en art. 4.5.4 lid 4, versie 25-08-2026, geraadpleegd 02-09-2026.)

Krijg ik subsidie voor het isoleren van een aanbouw of een nieuwe dakkapel?

Nee. De regeling wijst een aanvraag af als de investering het woonoppervlak of de wooninhoud vergroot, en noemt daarbij in elk geval een nieuwe aanbouw, een nieuwe dakkapel, het betrekken van een aan- of inpandige garage bij de woning en het vergroten van het bestaande dak-, gevel-, vloer- of glasoppervlak. Elke maatregel moet bovendien in de bestáánde thermische schil liggen. RVO noemt daarnaast sloop en heropbouw van een deel van de woning. Isoleert u tegelijk de bestaande schil, dan telt alleen dat deel mee — ook voor het minimumoppervlak van de maatregel. (Bron: Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies, art. 4.5.9 lid 3 sub b, art. 4.5.1 en art. 4.5.2 lid 3, versie 25-08-2026; RVO — ISDE isolatiemaatregelen, geraadpleegd 29-08-2026.)

Geldt de ISDE ook voor een woning die ik verhuur?

Voor isolatie niet: die subsidie wordt verstrekt aan een eigenaar-bewoner, dus aan iemand die de woning in eigendom heeft in de gemeente waar hij staat ingeschreven en er zijn hoofdverblijf heeft of direct na de renovatie zal hebben. Voor warmtepompen en zonneboilers is de kring van aanvragers ruimer, maar de regeling wijst aanvragen van verhuurders die geen toegelaten instelling zijn, van VvE's, wooncoöperaties en woonverenigingen voor die toestellen af. Voor verhuurders en VvE's bestaan aparte regelingen (SVOH en SVVE); kijk daarvoor bij RVO. Let bij een appartement op een extra afwijzingsgrond: heeft uw vereniging van eigenaars voor die woning al subsidie gekregen op grond van de Subsidieregeling Verduurzaming voor Verenigingen van Eigenaars, dan wordt uw eigen ISDE-aanvraag voor isolatie afgewezen. (Bron: Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies, art. 4.5.2 lid 2 en 3, art. 4.5.9 lid 2 sub d en art. 4.5.9 lid 3 sub a, versie 25-08-2026, geraadpleegd 02-09-2026; RVO, geraadpleegd 29-08-2026.)

Bekijk wat dit voor uw woning betekent

Vul uw adres in en zie binnen vijf minuten welk energielabel uw woning nu heeft, welke maatregelen er bij uw woning passen en wat ze opleveren. Gratis, zonder account.

U krijgt een indicatie volgens de NTA 8800-methode, geen geregistreerd energielabel.

Lees ook

Bronnen