Start de checkStart check

Warmtepomp

Hoeveel kW warmtepomp heeft u nodig?

Het benodigde vermogen van een warmtepomp volgt uit het warmteverlies van uw woning op een koude ontwerpdag, niet uit een vuistregel per vierkante meter. Een installateur bepaalt dat met een warmteverliesberekening per vertrek volgens ISSO-publicatie 51. Hoe beter uw woning geïsoleerd is, hoe kleiner het toestel dat u nodig heeft.

Laatst bijgewerkt:

Hoeveel kW warmtepomp heeft u nodig?

Het benodigde vermogen is de hoeveelheid warmte die uw woning op een koude ontwerpdag per uur vraagt, uitgedrukt in kilowatt (kW). Dat getal komt uit een warmteverliesberekening: per vertrek wordt uitgerekend hoeveel warmte er weglekt door gevel, dak, vloer, ramen en ventilatie. In Nederland gebeurt dat volgens ISSO-publicatie 51 “Warmteverliesberekening voor woningen en woongebouwen”, die op de Europese norm NEN-EN 12831 is gebaseerd.

Dat is geen formaliteit van de installateur. Bij een cv-ketel kon een ruime maat er nog wel bij: die moduleert mee en een maatje groter kostte weinig extra. Een warmtepomp is daarin veel minder vergevingsgezind — een toestel dat te groot is geeft een lager rendement en meer geluid, en een toestel dat te klein is laat u op de koudste dagen elektrisch bijverwarmen. De berekening is dus de goedkoopste stap van het hele project.

Dezelfde berekening levert nog iets op wat u hoe dan ook wilt weten: hoeveel warmte elk vertrek nodig heeft bij een lage aanvoertemperatuur, en dus of uw bestaande radiatoren volstaan. Die vraag staat uitgewerkt op warmtepomp zonder vloerverwarming.

Wat bepaalt het benodigde vermogen?

Zes dingen, en het gewicht ervan verschilt sterk per woning. Ze staan hier op volgorde van hoeveel ze in de praktijk uitmaken bij een bestaande woning.

  • De isolatie van de schil. Ongeïsoleerd dak, spouw of vloer bepaalt het leeuwendeel van het warmteverlies. Dit is ook de enige factor waar u zelf iets aan kunt veranderen vóórdat het toestel gekozen wordt — zie woning isoleren.
  • Oppervlakte, volume en vorm. Een vrijstaand huis heeft vier buitengevels en verliest daardoor bij dezelfde oppervlakte meer warmte dan een tussenwoning met twee.
  • Glas: oppervlakte en type. Een grote pui met enkel glas kan in zijn eentje het benodigde vermogen van een woonkamer bepalen.
  • Kierdichting en ventilatie. Lucht die ongewenst naar binnen lekt moet opgewarmd worden. Bij goed geïsoleerde woningen wordt dit relatief een steeds groter deel van de rekening.
  • De gewenste binnentemperatuur en de ontwerpbuitentemperatuur. De berekening gaat uit van een koude ontwerpdag, niet van een gemiddelde winterdag — anders zou u het op de koudste dagen structureel koud hebben.
  • Warm tapwater. Douchen vraagt een hogere temperatuur dan ruimteverwarming. Of en hoe dat het toestelvermogen beïnvloedt hangt af van het systeem: met een voorraadvat mag de warmtepomp er langer over doen.

Waarom is een te grote warmtepomp óók fout?

Omdat een warmtepomp die veel te ruim bemeten is, zijn warmte niet kwijt kan bij milde temperaturen. Hij levert dan meer vermogen dan de woning vraagt, schakelt uit, koelt af en start opnieuw — pendelen. Dat kost extra stroom, belast de compressor en levert meer start-stopgeluid op dan een toestel dat rustig op laag toerental doordraait.

Daar komt bij dat een groter toestel duurder is in aanschaf, meer ruimte vraagt en een zwaardere elektrische aansluiting nodig kan hebben. En het geluid: het geluid van de buitenunit hangt samen met het vermogen — hoe hoger de capaciteit, hoe meer geluid (Milieu Centraal). Wat dat betekent voor de plaatsing en voor de wettelijke geluidseis staat op geluid van de warmtepomp.

Te klein kiezen heeft een ander gebrek. Een warmtepomp die de koudste dagen niet aankan, laat het elektrische bijverwarmingselement inspringen — en dat element levert precies één kilowattuur warmte per kilowattuur stroom, waar de warmtepomp er een veelvoud van maakt. Een paar van die dagen per jaar is geen ramp; een structureel te klein toestel wel. Wat rendement precies is en waarom het zo aan de aanvoertemperatuur hangt, leest u op COP en SCOP uitgelegd.

Bestaat er een vuistregel voor het aantal kW?

Er circuleren vuistregels in watt per vierkante meter of per kubieke meter, maar wij publiceren er geen. Wij hebben geen fabrikantonafhankelijke, controleerbare bron gevonden die er een waarde aan hangt, en een getal zonder herkomst zetten wij niet op deze site.

Dat is geen preutsheid maar een inhoudelijk bezwaar. Een vuistregel per vierkante meter weet niet of uw spouw gevuld is, of uw zolder een dampremmende laag heeft, of het glas enkel of triple is en hoeveel lucht er door de kieren gaat. Precies die dingen bepalen het antwoord. Twee tussenwoningen van dezelfde grootte uit hetzelfde bouwjaar kunnen een fors verschillend benodigd vermogen hebben — en de vuistregel geeft ze hetzelfde getal.

Vindt u ergens wél een vuistregel met een controleerbare bron erbij, dan is die hooguit bruikbaar als grofmazige plausibiliteitstoets op de offerte, niet als onderbouwing. Wat de installateur op tafel hoort te leggen is de warmteverliesberekening zelf: per vertrek, met de uitgangspunten erbij.

Waarom staat er op de subsidie een ander aantal kW dan op de doos?

Omdat er drie verschillende vermogens in omloop zijn die allemaal “kW” heten en die zelden gelijk zijn: wat uw woning vraagt, wat er op het typeplaatje staat, en waarop de subsidie rekent. Wie ze door elkaar haalt, vergelijkt offertes en subsidiebedragen die niet over hetzelfde gaan.

Benodigd vermogen
Wat uw wóning vraagt op een koude ontwerpdag. Komt uit de warmteverliesberekening per vertrek en is het getal waarop het toestel uitgekozen hoort te worden.In kW, bepaald volgens ISSO-publicatie 51 (op basis van NEN-EN 12831)
Nominaal vermogen
Het getal op het typeplaatje en in de productdocumentatie: wat het toestel levert onder vastgelegde beproevingscondities. Worden er meerdere temperatuurtrajecten gegeven, dan geldt voor de energieprestatie-opname het vermogen bij de hier genoemde conditie. Lees B0/W35 als: brontemperatuur 0 °C, aanvoertemperatuur 35 °C.In kW bij A7/W35 voor lucht/water, B0/W35 voor bodem/water en W10/W35 voor grondwater/water (ISSO 82.1, tabel 9.7)
Subsidiabel vermogen
Het vermogen waarover de ISDE de bijdrage berekent. Niet het nominale getal, maar het thermisch vermogen bij bivalente temperatuur — het punt waarop een bijstook het over zou nemen. Staat per goedgekeurd toestel op de meldcodelijst van RVO.In kW bij bivalente temperatuur; de regeling kent deze categorie voor lucht-waterwarmtepompen van 1 tot en met 70 kW ontwerpvermogen, in energie-efficiëntieklasse A++ of hoger, geïnstalleerd op of na 1 januari 2026

Warmteverliesberekening: ISSO-publicatie 51:2023 “Warmteverliesberekening voor woningen en woongebouwen” (uitgave 1 juni 2023), gebaseerd op NEN-EN 12831; de koppeling norm–publicatie geverifieerd in ISSO-publicatie 66 (2001), § 2.1, pdf-pagina 19. Nominaal vermogen: ISSO-publicatie 82.1, 7e druk 2026, tabel 9.7, pdf-pagina 115, en NTA 8800:2025+C1:2026, pdf-pagina 323, OPMERKING 1. Subsidiabel vermogen: Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies, artikel 4.5.3, eerste lid, onderdeel c, geconsolideerde tekst van 25 augustus 2026.

Praktisch gevolg: het aantal kW waarmee de ISDE rekent, kunt u niet van de doos aflezen en niet zelf uitrekenen. Het staat per toestel vast op de meldcodelijst warmtepompen van RVO (geraadpleegd 2 september 2026) — wat zo'n meldcode is en waarom hij het bedrag bepaalt, staat op de meldcode. Hoe de regeling van dat aantal kW een bedrag maakt, staat volledig uitgeschreven op warmtepompsubsidie; wij herhalen die rekenregels hier niet.

Eén ding is wél goed om vooraf te weten, omdat het tegen de intuïtie in gaat: omdat de ISDE per kW rekent, levert een kleiner toestel minder subsidie op. Isoleren verlaagt dus uw warmtevraag, uw toestelvermogen én uw warmtepompsubsidie. Dat is geen argument om het niet te doen — de investering in het toestel daalt mee, en voor de isolatie zelf is er een eigen subsidie — maar het verklaart waarom twee offertes met verschillende subsidiebedragen allebei kunnen kloppen.

Wanneer adviseren wij géén losse warmtepomp meer?

In ons eigen advies vervalt de volledig elektrische warmtepomp als lósse maatregel zodra de berekende warmtevraag van uw woning boven de 12 kW uitkomt. Dat is geen wettelijke grens en geen marktgrens — technisch bestaan er grotere toestellen genoeg. Het is de grens van ons eigen kostenkental.

De reden is eerlijk gezegd nogal prozaïsch. Onze kostenraming voor een all-electric warmtepomp is geijkt op een toestel van 7 tot 8 kW: dat is de maat die bij de meeste bestaande woningen hoort en waarvoor wij een betrouwbare marktband hebben. Daarboven beschrijft dat kental de klus niet meer — een groter toestel, een zwaardere aansluiting en meer werk aan het afgiftesysteem passen er niet in. De subsidieraming beweegt ondertussen wél mee, want de ISDE rekent per kW door. Dan zou het rapport een bedrag tonen dat u niet kunt narekenen, en dat is precies wat wij niet willen.

Inhoudelijk komt het bovendien op hetzelfde neer. Een woning die meer dan 12 kW vraagt, is meestal een woning waar nog flink te isoleren valt. Een grote warmtepomp is daar niet onmogelijk, maar wel de verkeerde volgorde: eerst de warmtevraag omlaag, dan het toestel kiezen. Daarom verdwijnt de maatregel ook niet uit de pakketten — in een pakket mét isolatie zakt de warmtevraag en past de warmtepomp alsnog. Zie warmtepomp in een slecht geïsoleerd huis en waar u begint met verduurzamen.

Wilt u tussentijds tóch van een deel van uw gas af, dan is de hybride opstelling de route die bij een hoge warmtevraag wél werkt: de cv-ketel dekt de piek, de warmtepomp doet het grootste deel van het stookseizoen. Zie hybride warmtepomp.

Wat vraagt uw woning ongeveer?

Onze check rekent de warmtebehoefte van uw woning door volgens de NTA 8800-methode en leidt daaruit een indicatief benodigd vermogen af. Dat is de basis waarop het rapport bepaalt of een warmtepomp in uw situatie een zinnige maatregel is en welk subsidiebedrag daarbij hoort.

Wat het níet is, zeggen wij er meteen bij: dit is geen warmteverliesberekening volgens ISSO 51. Die rekent per vertrek en op een koude ontwerpdag; wij leiden een vermogen af uit de jaarlijkse warmtebehoefte van de hele woning. Voor de vraag “past een warmtepomp hier, en wat kost dat ongeveer” is dat genoeg. Voor de vraag “welk toestel koop ik en hoe groot worden de radiatoren in de achterkamer” is het dat niet — dat blijft het werk van de installateur, en dat hoort ook zo.

Wilt u eerst weten of een warmtepomp überhaupt bij uw woning past, begin dan bij is mijn huis geschikt voor een warmtepomp. Wilt u weten wat het geheel kost, dan staat dat op kosten warmtepomp. En de doorrekening voor uw eigen adres doet u met de gratis woningcheck — de uitkomst is een indicatie, geen geregistreerd energielabel.

Veelgestelde vragen

Hoeveel kW warmtepomp heb ik nodig voor een tussenwoning van 120 m²?

Dat is met alleen die twee gegevens niet te zeggen, en elke site die er wel een getal bij noemt, gokt. Twee tussenwoningen van 120 m² kunnen ver uiteenlopen: een uit 1935 met een ongevulde spouw, enkel glas en een onbeschoten kap vraagt een veelvoud van dezelfde woning na een isolatieronde. Wat het antwoord bepaalt is de isolatiestand, het glasoppervlak, de kierdichting en de gewenste binnentemperatuur — dus de warmteverliesberekening. Onze woningcheck geeft een indicatie op basis van uw eigen woningkenmerken.

Kan ik het vermogen van mijn cv-ketel gebruiken als maat?

Nee, en dat is een van de hardnekkigste misverstanden. Het vermogen van een gasgestookte combiketel in een woning is meestal afgestemd op de warmtapwatervraag — op de douche dus, niet op de warmtevraag van het huis. De NTA 8800 erkent dat expliciet: bij een combiketel mag het ontwerpvermogen worden gelimiteerd tot 40 % van het maximale vermogen van die ketel (NTA 8800:2025+C1:2026, pdf-pagina 323). Een ketel van 24 kW zegt dus weinig over het vermogen dat uw woning werkelijk vraagt.

Wordt de warmtepomp kleiner als ik eerst isoleer?

Ja, en dat is precies de reden dat wij isoleren vóór verwarmen adviseren. Minder warmteverlies betekent een lagere warmtevraag, dus een kleiner toestel, een lagere aanvoertemperatuur en een hoger rendement. Twee kanttekeningen: de winst treedt pas op als de isolatie er ligt vóórdat het toestel gekozen wordt, en omdat de ISDE per kW rekent, daalt met het vermogen ook het warmtepompsubsidiebedrag. Wat er in uw woning te isoleren valt, staat op woning isoleren.

Bekijk wat dit voor uw woning betekent

Vul uw adres in en zie binnen vijf minuten welk energielabel uw woning nu heeft, welke maatregelen er bij uw woning passen en wat ze opleveren. Gratis, zonder account.

U krijgt een indicatie volgens de NTA 8800-methode, geen geregistreerd energielabel.

Lees ook

Bronnen